woensdag 8 juni 2016

25 Zielig


Toen ik gisteren eindelijk eens tijd vrij maakte om de kussenhoezen van het  toekomstige (?!) bankje met Mama te verven, bleken bij terugkomst op de compound 15 kids de boel op stelten te hebben gezet. 'Als de kat van huis is.." . Helaas.. de katten waren thuis. "Robby is sick!" wist Malang me direct te informeren. Met een half verlamd lijfje sleepte mijn katje zich de roundhut in toen ik eindelijk de deur opende. Hoe kon ik zo stom zijn om de beestjes buiten te sluiten? Wie weet hadden ze hem als voetbal gebruikt of volleybal. Dat kan hier allemaal. En misschien had hij wel een dwarslaisy.. Ik raakte in paniek en schreeuwde dat ze allemaal op moesten rotten. "Bodje! Al banta! Iteriaaa!" Ze stoven alle kanten op en in een mum van een tijd zat ik met Malang bij het hulpeloze diertje treurig te wezen, niet wetend wat te doen. Vragen wat er gebeurd was had weinig zin gezien zijn beperkte engels en nederlands. Wat heen en weer smsen met de dierenarts en vriendin mirte kwam niet verder dan: kom morgen maar langs.
En zo reed ik 50 km heen en 50 km terug door de bloedhitte. Maar het had wel nut gehad. Een injectie en en voedingsadvies: europese kattenvoeding.. zeg maar luxe Sheba. Het werkte. Al direct viel hij aan op de vleespasta en wist niet van ophouden.
Je kunt natuurlijk alles proberen lokaal op te lossen.. maar daar hangt een prijskaartje aan: een bijna verhongerd katje.
De kussenhoezen zijn ondertussen droog geworden en ik zit quasi relaxed aan een biertje. Robby scharrelt wat rond en sleept zijn pootjes achter zich aan. En Malang wil eten.
Aan de slag maar weer !

dinsdag 7 juni 2016

24 Aanpassen

Ondanks dat ze nauwelijks iets eten - probeer van alles waaronder nb broodpap met lokale pindakaas! - zijn ze heel levendig. Te soms. Ik zit onder de krassen van hun scherpe babynageltjes.
De tegelman komt ook vandaag weer eens niet.Pfht. Dus gaan we - Mama en ik - de hoezen van de bank verven. Het heet 'Batik' maar is eigenlijk tie&dye. Afbinden van de stof. Helaas is het bankje zelf niet met de container mee gekomen. Wel schijnt hij 'onderweg' te zijn. In NL zou je niet goed worden van al die niet nagekomen afspraken met werkers en niet aangekomen containerspul. Hier zucht je nog maar eens en verander je je plan..

maandag 6 juni 2016

23 opvoeden

Een vaag zonnetje. De rook van de afval die ik zojuist verbrand heb maakt het er niet echt beter op. Om van de ramen maar niet te spreken. Die zijn er vorig jaar met siliconenpasta ingezet. Daartoe is het glas meegenomen met als gevolg dat het een soort vlekkerig matglas is. Met scheermesjes ben ik begonnen het eraf te halen, maar ben na twee ruitjes gestopt. Monnikkenwerk. En ik ben geen monnik, en ook geen non. Dat bleek vanochtend weer eens toen ik tegen Malang uitviel omdat hij op niets antwoord gaf.
Stokstijf stond hij in de kamer. Er is dan wat. Vragen "wat is er?" lijkt zijn gedrag  alleen maar te stimuleren.
"Speak please Malang!"  verzoek ik hem dringend. "Praat! Als je niet praat weet ik niet wat er is.."
Goed dat werkt dus niet. Dan maar over tot actie.
"Pak je stoel en eet je broodje op. Pindakaas met banaan, lekker! En drink je thee.."
 Nors kijkt hij voor zich uit en reageert totaal niet. Ik voel boosheid opkomen, terecht of onterecht, en zeg hem dat als hij niets zegt zonder eten naar school kan gaan. Nog geen knippering van de ogen. Bij mij: frustratie. Dat ik niet in staat ben dit kind te ontdooien. Het is vreselijk Afrikaans om zo te reageren maar ik kan er niets mee. Dan komt het moment dat het genoeg is.

"Ok..Geen brood? geen thee? Naar school dan. Pak je fiets." En ik flikker woedend zijn thee met melk over de compound. Dat ziet hij. Wat nu? Ik wil best lief en aardig doen maar vaak werkt dat alleen maar omgekeerd. Nieuwe actie dan.
"Kom even bij me zitten" en klop op mijn been. Langzaam schuifelt hij naar me toe, neemt plaats op mijn schoot en legt zijn koppie tegen me aan. Weer leg ik hem uit dat als er iets is hij moet praten.
"Al zeg je maar Yes! Of Ha! of Ja!" Hij knikt slechts.

Ik hou mijn oor voor zijn mond en test: "wil je je broodje opeten?"
Heel zacht piept hij Yes! in mijn oor.
Ik geef hem een reuzen compliment.
"Goed zo! Zie je wel? Wil je ook thee?"  

"Ha!" fluistert hij weer en wrijft over zijn knie. Ik kijk en zie een zoveelste dikke bobbel waaronder ongetwijfeld weer pus schuilt.
" Doet je knie pijn?" 
"Yes!"
Opgelucht dat hij het begrepen lijkt te hebben haal ik een pleister met jodium en plak hem erop. Tevreden kijkt hij naar me op. Dat been was waarschijnlijk de boosdoener. Hij maakt zich denk ik terecht zorgen dat hij zulke pijnlijke diepe gaten heeft die maar ontsteken en lekken. Al een week verbind ik het. Maar als hij een paar dagen bij zijn moeder is kan ik daarna overnieuw beginnen. Misschien durft hij het daarom niet aan te kaarten en blijft liever stil.
Het zij zo. Ik ga door tot de jodium en de pleisters op zijn. Van opgeven heb ik nog nooit gehoord.
Als hij zijn broodje opgepeuzeld heeft en zijn thee gedronken lopen we samen naar de poort. Malang met de fiets aan de hand. Ik lach. Hij lacht terug.
Zeg maar "I go to school." Lachend herhaalt hij het.
En nu: "Ik ga naar school."  Ook dat zegt hij na. Tevreden aai ik hem over zijn koppie.
"Goed hoor! nou.. kus!" En ik geef hem een extra dikke op zijn wang. Spontaan kust hij terug. Eenmaal op zijn fietsje draait hij zich nog even om. Hij ziet er blij uit en zwaait. "Dag schat!"

Zucht. Opvoeden is een challenge..    

zondag 29 mei 2016

22 poespoespoes

De zon laat zichzelf als een lichte vlek aan de hemel zien. Ze is nog niet sterk genoeg om door de bewolking heen te komen. Het is acht uur  in de ochtend. Tegen tienen zal ze het winnen en gaat er op los branden. Op de veranda zucht een koel windje. Een haan kraait bij de buren. "DjoeDjoe" doet de vogel in de mangoboom. Binnen is het stil. Alleen het poesje krabbelt wat in de rondte, tussen hark en bezem, emmers en scheppen. Er is altijd wel ergens een touwtje dat loshangt of een leeg blikje dat hij over de tegelvloer kan rollen. Zijn kleine buikje is rond. Zoveel dikker dan toen ik hem bijna overreed op de hoofdweg. Toen was het een en al bot.

Ik maak me zorgen hoe het moet met kleine Robbie - want zo hebben we hem genoemd, al reageert hij slechts op poes-poes-poes  - als ik over vier weken wegga. De mail van de vliegmaatschappij liet weinig te raden over. Hij moest drie maanden oud zijn, inentingen, paspoort etc etc etc. Dat wordt dus niks. Ik ben aan hem gehecht geraakt en hij aan mij. Kruipt als een baby op mijn schoot en vindt het het fijnst als ik mijn hand stevig om zijn kleine lpoezenlijfje leg. Dan stopt hij eindelijk met spelen en soest hij weg in een diepe slaap. Zal ik hem een pilletje geven en in mijn tshirt rollen als ik op het vliegtuig stap? Ik ben er gek genoeg voor. In Amsterdam hoef je zoiets niet te proberen met die bodyscans. Maar hier geloven ze je op je blauwe ogen. Alleen de tassen worden gescand. Ik heb n og even de tijd om te kijken of hier iemand hem wil nemen. Gambianen zijn niet aan de orde. Die zijn bang voor poezen. De kinderen zullen hem stenigen. Komt tijd komt raad, daar vertrouw ik dan maar op.

Voor schrijven kan ik al tijden de rust niet meer vinden. Teveel heisa hier en problemen die opgelost moeten worden. Van grote tot kleine. Met een diepe zucht zet ik me er aan en hoop op even rust, wetend dat het niet voor lang zal zijn. Desondanks heb ik geloof dat ik op een bepaald moment alles onder controle heb en in eigen hand. Ondertussen pak ik mijn verlies en probeer  tegen de klippen op het verleden achter me te laten. "Rasta! Rasta!" wordt er regelmatig naar de jeep geroepen, de bijnaam van T.  Stoicijns rij ik door en wuif vrolijk naar de mede weggebruikers die me niet lastigvallen met zijn naam. Ooit ben ik alles vergeten, als ik maar geduld heb...

maandag 16 mei 2016

21 dood en begraven

Het is zo stil dat het niet te beschrijven valt. Net even geblaf van een hond in de verte, de ijzeren deur die heen en weer klappert in de wind. Zelfs het ruisen van de bomen is afwezig. Het is tien uur in de avond, laat voor mijn doen. Meestal lig ik dan al schoon geboend  - je wordt hier vreselijk vies altijd - in bed. Vandaag echter was een volle dag.  Na het naar binnen rijden van de jeep  - met 1 cm speling aan weerszijden op straffe van de hele poort in elkaar jensen - eerst alle ramen van sloten ontdaan en wijd tegen elkaar opengezet.  De Roundhut mag dan dikke muren hebben, toch wordt het warm binnen als alles gesloten is.  Met een WakaWaka in mijn hand doorkruis ik de kamers en stap natuurlijk op het nog piepkleine katje. Hij blijft achter me aan rennen en voor de voeten lopen tot hij eten krijgt. Bij gebrek aan een waslijn drapeer ik de door Marijke gewassen lakens en handdoeken over de stoelen binnen. Reuze gezellig. Maar het kan me niet deren. Aanmaak limonade met een reuzenscheut Southern Comfort vertroebelt de blik en maakt in een klap alles aangenaam. Het is zelfs voor het eerst dat ik sinds de inbraken vorige week rustig met de deur open zit. Nu scheelt het wel dat er wat maan is. De compound is daarmee meteen een stuk overzichtelijker in de avond cq nacht.
De veranda is bijna afgepleisterd. Bijna , want vanwege een dode in het naburige dorp  moest Marena er vanochtend na een paar uur weer mee ophouden.  Een dode wordt door alle mannen van het dorp begeleid naar de begraafplaats. De vrouwen blijven thuis met sjaals over het hoofd geknoopt. "He climb in a  mangotree"  legt hij me in zijn beste Engels uit en kijkt veelbetekenend. Als hij daarna dood was zal hij er wel uit gevallen zijn, denk ik.  Ik vertel het onderweg naar de garage aan mijn medepassagier. "He was hungry"  was zijn enige reactie. Je hebt honger,  valt uit een boom en om  twee uur ben je begraven. Sommige dingen gaan snel hier.


Ik heb de jeep naar Sukuta, 10 politieposten verder - gereden, waar Omar tegenwoordig garage houdt. Een enorme mangoboom domineert de vele kapotte busjes en auto's die eronder in het stoffige vuile zand geparkeerd staan. Ik wring mijn autootje ertussen zodat Omar de hoogst persoonlijk ingevlogen onderdelen kan monteren. Zonder 4wheel drive rijden gaat steeds slechter als ik naar zee wil en dus moet het gerepareerd. De enorme zandtrucks hebben de wegen kapot gereden. Kletter ik niet over een bruinrood 'wasbord' dan zeil ik wel als een schip links en rechts  op de electriciteitspalen af. Tot nu toe ontwijk ik ze rakelings, maar een hobby zal dit niet van me worden. Tegen zessen lijkt de klus geklaard. Het '4WD' lampje brandt. Als ik een half uur later het bij Marijke voor in het mulle zand ga uitproberen hoor ik een hoop gekletter en gebonk. Gadverdamme, allerminst geklaard dus. Bovendien krijg ik hem niet meer terug in 2WD. Bellen met Omar levert niet veel meer op dan dat hij morgenochtend even langs komt. Nu moet ik maar in de 4wheel drive naar huis rijden. Niet erg als die het doet. Maar het stuur lijkt wel vast geroest en ik heb moeite om met twee handen de jeep recht op de weg te houden.  Bijna thuis probeer ik nog eenmaal of hij er niet uit te trekken valt. Ja hoor, geen enkel probleem. Rustig zoevend bereik ik de gate van de compound  en friemel hem er met  slechts tien keer voor- en achteruit rijden recht door de poort naarbinnen. Zucht.  Die borrel heb ik verdiend!  

donderdag 12 mei 2016

20 alweer donderdag..

Gevecht met stroom om mijn telefoon, tablet en toetsenbord aan de gang te houden. Gelukkig is daar de zon die de WakaWaka-lampen laadt.Nog 22 % nu, dus even een snelle start maken.
In de verte kukelt een haan er op los. Op de veranda hoor ik Marena de metselaar schep na schep cement tegen de pilaren kwakken  Het is half twaalf en al een flinke werkdag achter de rug. Water halen doe ik als er een kerel in de buurt is. Vandaag was Lamin de klos. Rijden naar de hoofdweg en daar acht enorme jerrycans vullen, alsmede 12 flessen en en vier melk containers van de AH. Jaja, meegenomen uit Holland want handig om water te halen als ik alleen ben. Het is een gegoochel om alles voor elkaar te krijgen maar het lukt.  Zou ik hem kunnen vragen of hij naar de pater wil gaan om bier te halen voor vanavond ? En meteen een ijsblok voor de cooler? Waarom ook niet, hij is op de fiets. Even later fiets hij met de cooler onder een rubber weg. Aan zijn gezicht kan ik nooit zien of hij het vervelend vindt of juist niet. Dus denk ik maar: this is Africa, ze zijn van jongsaf aan gewend om voor kleine boodschapjes gestuurd te worden. 'To sent somebody'  heet het.  De moeder  zendt de oudste broer voor iets weg,  die het vervolgens weer delegeert naar zijn jongere  broer of zus. Ik pas me dus aan en stuur regelmatig iemand voor een brood, sigaretten, lucifers en vandaag dus voor bier en een ijsblok.
Gisteren stuurde Pap een 'brother' naar me toe met vis. Een enorme barracuda grijnsde me aan. Zijn tanden in de spitse bek ontbloot. Zonder veel omhaal sneed ik de kop los en trok de ongewanden naarbuiten. Dat ik vroeger nog niet eens een vis aan durfde te raken lijkt lang geleden. Het verwondert me iedere keer weer dat er in een mum van tijd een hond of kat zich over de visresten ontfermt. En dat terwijl  op de compound ogenschijnlijk  geen beest te bekennen is. Ik snijdt het lijf in drieeen. Een voor de avond en twee voor morgen. Voorzienige blik, want Marena is vandaag hier de hele dag aan het werk. Ik zal hem dus te eten moeten geven.
Als de dag aangebroken is ben ik direct de onrust gedurende de nacht kwijt. De tralies mogen dan gelast zijn, de ramen kunnen nog steeds niet dicht omdat de dief de handels afgebroken heeft. En die kunnen alleen electrisch gelast worden omdat met autogeen lassen - zuurstof- en gasfles -  het glas geheid springt.  Dat dat nog wel eens heel lang kan gaan duren ben ik op voorbereid. Na het debakel van de ene na de andere generator  die niet krachtig genoeg bleek om het lasapparaat van dienst te zijn, heb ik besloten het te accepteren.. Echter, vannacht kon ik angstgevoelens  niet echt onderdrukken. Eerst hing ik kerstverlichting aan het raam om duidelijk te maken dat ik aanwezig was. Toen ik nog de slaap niet kon vatten omdat ik steeds rare geluiden hoorde, heb ik uiteindelijk mijn boek gepakt en heb tot drie uur gelezen. Uiteindelijk de kerstverlichting uit gedaan en daarmee tegen mezelf gezegd: niks aan de hand, slapen nu! Met de telefoon in de aanslag mocht er iets gebeuren. De rechercheur die onderzoek kwam doen had mij zijn twee nummers gegeven. Ik mocht dag en nacht bellen. Hij wilde ook wel komen slapen hier. Waaaaat?! Ik dacht even dat ik het niet goed verstaan had. Maar toen hij nog geen twee uur na zijn bezoek me alweer belde met de vraag hoe het nu met me ging, vreesde ik dat ik hier weer met een dood ordinaire behoeftige Gambiaan te maken had. Toch hou ik hem in gedachten voor als ik besluit iemand in het huis te laten wonen als ik in Nederland ben. Want nog een keer dit gezeik heb ik geen zin in.


Tot mijn grote verbazing is het alweer donderdag. Morgen ga ik met Marijke gekleurde tegels zoeken voor op de veranda. Want het moet een vrolijke boel worden hier!! Komt het niet van mij, dan maar van de tegels op de verandavloer;-)

zaterdag 7 mei 2016

19 lichtgrijs en groen

Lichtgrijs en groen. De zon komt net boven de bomen uit en lijkt op een maan, zo wit. Laaghangende sluierbewolking verhindert de normaal feloranje bol om tevoorschijn te komen.Elf minuten over zeven. Ik heb geen wekker nodig om wakker te worden. Om half tien slapen na een dood vermoeiende dag en een gebroken nacht zijn genoeg. Buiten steek ik de vuilnis van de vorige dag aan. De zwerfhonden hebben  de rijst en visresten die ik apart in een kuiltje gegooid heb al ruimschoots opgegeten. Schichtig sluipen ze nog wat rond op zoek naar meer. Als ze mij zien schieten ze weg. Was ik eerst nog bang dat de etensresten ratten aan zou trekken, no problem.anymore. TikTiktik! tikt het eerste vogeltje alweer tegen het glas van het keukenraam, tiktiktik..
De vrijdag zit er weer op, vandaag een nieuwe dag met hopelijk nieuwe kansen. Op een of andere manier is op de vrijdag mij geen geluk beschoren. Het herinnert me altijd aan betere tijden. Het is een dag om mooi gekleed vrienden te ontmoeten, voor de moslims na het middaggebed in de moskee. Voor mij nu - zonder moslim in de buurt - een gewone werkdag. Lasser Yaya stond in keurig goed om negen uur voor mijn neus. Met electrisch lasapparaat. Waar de generator was. Eerlijk gezegd geen idee, antwoord ik. Omar zou het regelen. Bellen. Ik krijg omstandig te horen dat een oude man overleden is etc etc etc en dat de begrafenis om elf uur is. Ik weet dat hij hier dus niet voor twaalf uur zal zijn met de generator, als hij die al heeft. Yaya heeft er alle begrip voor. Een begrafenis gaat voor alles en besluit vast de nodige voorbereidingen te treffen: tralies afmeten en ogen maken voor de toekomstige hangsloten. Tussendoor drinken we koffie en praten over van alles. Ik probeer het onderwerp Tapha - zijn beste vriend -  te vermijden. Dat lukt redelijk.
Inderdaad staat Omar tegen twaalven op de compound, in nette gestreken pantalon en overhemd. Zonder generator. Ik verbaas me nergens meer over. Ik probeer nog even of ik zelf iets kan regelen via Marijke, maar helaas, zij heeft er ook geen een.. Via via belanden we dan toch uiteindelijk op een compound verderop. Daar zou iemand zo'n ding verhuren. Bij de poort staat een mannetje van Nawec - de electriciteits maatschappij -  met een stapel formulieren. Is dit de man die ons gaat helpen? Ik wacht het af en heb het allang opgegeven om direct de conversatie te volgen. Nawec.. hoe staat het eigenlijk met de meter die ik vijf weken terug op het hoofdkantoor over heb laten schrijven op mijn naam? denk ik opeens. Als de mannen even niets doen waag ik het erop erover te beginnen. tegen Omar. Hij buigt zijn hoofd diep, duidelijk om mij niet in de ogen te hoeven kijken. "There is a problem" begint hij. Het zal niet waar zijn, denk ik. "..The law you know.." Nee ! Ik wil van geen wet meer weten na het gezeik met de politie een paar dagen geleden.  "The law says it cannot be done. Tapha has to give permission to transfer the electricity meter tot he Roundhut." Woede en verdriet maken zich direct van mij meester. Godverdomme. "Hoe kan een vent toestemming geven als hij als illegaal in Duitsland zit?!" vraag ik met een kop die niet mis te verstaan is. Omar haalt zijn schouders op. De Nawec man vraagt wat er aan de hand is. Ondertussen stromen de eerste tranen over mijn wangen. "Dont cry.." zegt Yaya "please Tineke, please!" Als ze ergens niet tegen kunnen is het tegen janken. Maar mij kan het even helemaal niets schelen. Misschien is het juist wel goed dat hij eens ziet wat zijn vriend me aangedaan heeft ' to run away'  en wat voor eindeloze gevolgen dit  heeft. Hij is duidelijk onder de indruk. "I feel it" zegt hij met een bedrukt gezicht. Overigens zijn deze woorden ongeveer het hoogst haalbare aan te tonen emoties. Mooi, hij voelt het. "Als je Tapha spreekt moet je hem dit maar een fijntjes uit gaan leggen!" sis ik.
Omar heeft ondertussen geheimzinnig staan overleggen met de man. Van de generator waar we voor gingen ondertussen nog geen spoor. Er is wat heen en weer gebeld, meer niet. Als Omar mijn tranen ziet probeert hij me gerust te stellen. Dito woorden, niet huilen, stop! Als ik papieren kan overleggen kan dit mannetje het alsnog regelen, belooft hij. Ik geloof het direct. In een corrupt land als dit hoef je van hogerhand dus niks te verwachten is mijn conclusie. De kleine man kan het daarentegen voor elkaar rommelen tegen een kleine vergoeding.

"Lets go!" zegt Omar opeens. Waar naartoe? ik vraag het niet. Zoek het allemaal maar uit met je generator en neem bokkig plaats op de passagiersstoel. Laat hij maar rijden. Ik jank in het zijraampje mijn laatste tranen. Want ik weet dat ik door moet. Zigzaggend door het dorp  houdt de jeep stil voor een winkeltje waar mannen op een bankje zitten. "Tineke Two!" roept eentje even zo vrolijk. Geen idee wie het is maar ik groet maar gewoon terug. Ja alles gaat goed, antwoord ik desgevraagd. Met de familie ook? Welke familie ?! denk ik boos, denkend aan mijn 'familie' in Holland, ouders die overleden zijn  en een nog levende broer die besloten heeft dat hij me niet meer wil zien. Fok! Zo kan ie wel weer. Met een voddig kleenexje droog ik mijn gezicht af. Omar verschijnt aan het zijraam van de jeep. Of ik driehonderd dalasis wil geven voor een kapot onderdeel van de generator. Dan maken ze hem en komen hem morgenochtend met een kruiwagen brengen. Zien is geloven. Ik geef het geld en hoop er het beste van. "Maar niet ook nog eens huur betalen" waarschuw ik. Nee nee nee, zo komt het goed.
En nu is het de volgende dag. Naast me zie ik Malang voor het eerst bidden op de kleurige Afrikaanse mat die altijd was om op te spelen. Hij buigt en staat op, prevelt en buigt en staat op. Soms kijkt hij even opzij naar mij. Zich duidelijk bewust dat hij dat voor het eerst doet in mijn aanwezigheid. Ik knipoog tegen hem, goed hoor schatje! Ik heb een moslim kleinzoon, toch nog familie.  

update 15:00 uur Twee niet werkende generators verder zijn we terug bij af. De klus is uitgesteld tot een nader te bepalen dag..